Behoud monumentale boerderij

Onderdendam, Groningen


Programma:

wonen+

Projectteam:

Robert Bos, Rene Harmanni

Projectarchitect:

Haiko Meijer, Marek Boekholt

Opdrachtgever:

Stichting Het Groninger Landschap

Deel dit project:

Pal aan het Boterdiep tussen Bedum en Onderdendam ligt De Haver, een monumentale boerderij uit 1894. De opgave bestaat uit het maken van een woonhuis in de bijschuur, het reconstrueren van het oorspronkelijke balkon aan de voorzijde van de boerderij en het restaureren van het interieur van het voorhuis.

Bewoning is essentieel voor het behoud van de boerderij, vandaar dat er is gekozen om de woonfunctie te verplaatsen van het voorhuis naar de schuur. Uitgangspunt hierbij is dat de risico’s bij een aardbeving kleiner zijn in het schuurgedeelte; het gebintstelsel van de schuur is beter in staat trillingen op te nemen dan de gemetselde fundering van het voorhuis. Het voordeel van deze aanpak is dat de historische waarde van het voorhuis met zijn vele mooie ornamenten volledig intact blijft. De aanpak zal zich volledig concentreren op het behoud van de monumentale waarden. Het voorhuis kan in deze situatie een kleinschalige publieksfunctie krijgen. De leefbaarheid krijgt een stimulans doordat mensen op deze manier toch een kans krijgen de mooie boerderijen te bekijken.

Op deze wijze wordt dit voor Groningen belangrijke erfgoed door een periode geloodst, waarin de bedreiging van aardbevingsschade constant aanwezig is. Misschien dat over 20 jaar de risico’s zover zijn gedaald dat bewoning van het voorhuis weer een optie is. In de tussentijd helpt het (tijdelijk) verplaatsen van de woonfunctie op een andere plek in het bouwvolume bij het in standhouden van het monument.

Om het woonhuis te laten voldoen aan de huidige wooneisen, zijn ingrepen aan het exterieur van de boerderij noodzakelijk. Deze zijn echter helder en beperkt van aard, zodat het oorspronkelijke karakter van de boerderij zoveel mogelijk wordt behouden. Er is gekozen om het woonhuis te oriënteren op het erf en te plaatsen aan de noordzijde. Hierdoor kan aan het erf gebruik gemaakt worden van bestaande gevelopeningen en onttrekken bomen noord-georiënteerde gevelopeningen deels aan het zicht. De aanpassingen in de noordgevel vinden alleen plaats onder de goot, waardoor de kap van de schuur intact blijft.

In de schuur ontpopt de woning zich als een vrij bewegend houten volume tussen de bestaande gebinten en structuren. Bij het naar binnen lopen in de schuur wordt de ruimtelijkheid en het karakter van de schuur steeds beter waarneembaar. Authentieke elementen in de woning worden gehandhaafd, zoals metselwerk wanden en ruiven. Op strategische plekken zijn in de woning doorkijken gemaakt naar de oude schuur. Ook zijn bijzondere accenten ingezet, bijvoorbeeld een kijker, waardoor vanuit de slaapkamer zicht op de sterrenhemel is.

De schuur is in de basis bedoeld voor de bewoners, maar kan een aantal keer per jaar gebruikt worden bij openstellingen van de boerderij. De rest van het jaar zijn de ruimten in de schuur bijzondere binnen-buiten/buiten-binnenruimten voor de bewoners zelf.

Het balkon aan het voorhuis wordt teruggebracht in de staat van 1910 – 1915. In deze periode is het balkon vergroot, zodat de slaapkamers op de verdieping allemaal grenzen aan het balkon. Hiermee lieten de bewoners zien dat ze niet meer in sliepen in de bedstee, maar aparte slaapkamers hadden: ‘boeren van stand’. De oorspronkelijke constructie is nog deels aanwezig, deze wordt hergebruikt. De overige elementen worden zo goed als mogelijk geconstrueerd, met als doel een balkon te krijgen dat niet te onderscheiden is van het oorspronkelijke.

Gerelateerde projecten